Sinterwisseltrofee

Wanneer je dit leest hebben we het weer gehad: Sinterklaas. Op het moment dat ik dit schrijf, is de beste ouwe man echter nog in town en hebben vriendlief en ik nét alle kadootjes voor het Sintfeest binnen. Slechts anderhalf uur in de stad en we hadden alles, we waren werkelijk erg trots op onszelf.

In de periode tussen tiener-en-nog-geen-eigen-kind, vierden wij met de familie Sinterklaasavond op volwassen wijze: lootjes, een kort gedicht (waarbij mijn zusje altijd dacht: ‘dikke doei dikke lol, ik typ drie A4-tjes vol’, de rijmelarij was ook van dit niveau) en dan als hoogtepunt: het Sintspel met opdrachtendobbelsteen. Een soort pietengym waarbij je honderddrieënzestig keer van stoel verwisselde tot moeders kookwekker afliep. Mijn oom, tante en nichtje kwamen ook en iedereen kocht twee semi-nuttige genderneutrale 5-euro kadootjes. Onze eigen regel: we speelden maar één ronde, met niet-uitgepakte cadeau’s. En dat niet uitpakken had een goede reden…

Want waar iedereen op los ging en zich helemaal over verkneukelde: we mochten ieder ook één kado inpakken wat helemaal geen kado was en wat NIEMAND wilde hebben. Denk hierbij aan afgedankte kledingstukken, het oude horretje van de badkamer, de doos met resten verf en terpentine, een dooie plant, kerstpakketvoedsel van drie jaar geleden, een retro deurbel, de niet-kringloopwaardige radioversterker uit 1930 of het stapeltje stenen dat al in jaren in de voortuin lag en waar je nu eindelijk vanaf was.

We hadden ook twee Sinterwisseltrofeeën die ieder jaar terugkwamen: een enorme opblaasvogel waar een hele rol inpakpapier voor gebruikt werd en als kersje op de taart dé familie-cd. Een stichtelijke cd die mijn zusje ooit voor de grap van eerder genoemde oom voor haar verjaardag had gekregen en niemand ooit helemaal geluisterd heeft. Gezongen door – hou je vast – een tenor met de naam Florian Poepjes. Ik had op zijn minst een artiestennaam verzonnen, maar Florian stoorde zich niet aan zijn wat bijzondere achternaam en bulderde als ‘Poepjes’ de sterren van de hemel. Eén ding was zeker: je ging níét met Poepjes naar huis, dat was een ere kwestie. Het werd dus een sport om de cd zo incognito mogelijk te verpakken en en dan glashard te liegen dat jij hem had ingepakt. Hij zat ooit in een lelijk zelfgeknutseld vogelhuisje en ook in een doosje van de tomatensoep, voor de gelegenheid omgedoopt tot tomatenpoep(jes).

Na twee jaar wilde niemand meer gastheer- of vrouw zijn, dit bij toerbeurt werd ingesteld. Want aan het eind van de avond vond je overal en nergens de afgedankte spullen in en om je huis: de opblaasvogel zat parmantig op de wc, de versterker stond op je kliko, Poepjes lag onder de bank. De doos met verfspullen, die mijn zwager stiekem in de auto van mijn oom had gezet door de autosleutel met behulp van wat familieleden uit zijn jaszak te jatten, viel ‘per ongeluk’ uit de achterbak in jouw voortuin. Dus zag je direct ná het Sintfeest overal familieleden door het dorp hollen om ervoor te zorgen dat de gewonnen prullen toch bij de rechtmatige eigenaar voor de voordeur lagen, het liefst voordat diegene via een andere route thuis was. De doos met verfspullen is op de post gedaan, we weten nog steeds niet of die ooit is aangekomen…

Sinds de komst van wat (klein)kinderen zijn we de traditionele sinterklaasavond in ere hersteld. Echter… van de poepjes-cd hebben we nog geen afscheid (afschijt… haha) genomen: afgelopen herfstvakantie is hij door mijn moeder stiekem achtergelaten in de auto van mijn oom. Lalalalalaaaaa.

 

Jell

 

No Comments

Leave a Comment